Ondersteuning bij keuze voor een zorgaanbieder door mensen met een verstandelijke beperking en hun verwanten is noodzakelijk

Mensen met een verstandelijke beperking en hun verwanten vinden meerdere zaken belangrijk als zij een zorgaanbieder kiezen. Niet al deze zaken spelen echter een rol in hun daadwerkelijke keuze. Ondersteuning op maat bij de keuze voor een zorgaanbieder is daarom noodzakelijk, zo blijkt uit onderzoek van de Academische Werkplaats Leven met een verstandelijke beperking (Tranzo, Tilburg University).

25 januari 2019

Uit het onderzoek komt naar voren dat mensen met een verstandelijke beperking en hun verwanten verschillende zaken belangrijk vinden bij de keuze voor een zorgaanbieder, zoals de locatie, het aanbod aan individuele dan wel gemeenschappelijke woonruimte en sanitaire voorzieningen en ‘een goed gevoel’. De inschatting dat een zorgorganisatie bij kan dragen aan het emotioneel welbevinden van de persoon met een verstandelijke beperking werd door alle deelnemers aan het onderzoek belangrijk gevonden, en heeft voor hen allemaal een rol gespeeld in hun keuze voor een zorgaanbieder. Een aantal mensen vertellen in het interview dat zij de keuze voor een zorgorganisatie niet als een keuze hebben ervaren. Dat komt bijvoorbeeld omdat er geen andere zorgorganisatie is waar ze zorg kunnen krijgen die past bij hun zorgvraag, of omdat ze ervaren dat de keuze door anderen is gemaakt, zoals de zorg-consulent.

Afstemming vraag met cliëntbemiddelaar

Om na te gaan hoe zorgaanbieders tot een aanbod voor zorg en ondersteuning komen, zijn ook groepsinterviews gehouden met cliëntbemiddelaars van verschillende zorgorganisaties. Zij zijn verantwoordelijk voor het plaatsen van nieuwe cliënten. De cliëntbemiddelaars geven aan dat zij zo veel mogelijk willen afstemmen op de vraag van iedere individuele persoon met een verstandelijke beperking. Dat doen ze bijvoorbeeld in de (hoeveelheid) informatie die zij geven en in de manier waarop (mondeling of schriftelijk; persoonlijk of via telefoon). Zij geven echter ook aan dat ze niet altijd kunnen vol¬doen aan de wens van de personen met een verstandelijke beperking en/of hun verwanten. Dit komt bijvoorbeeld door het niet kunnen bieden van de juiste zorg en ondersteuning passend bij de zorgvraag van de cliënt, of het niet kunnen bieden van gewenste eigen voorzieningen (zoals een eigen badkamer en keuken).

Ondersteuning bij keuze

Het hebben van een (theoretische) keuze voor een zorgaanbieder betekent niet dat mensen ook actief een keuze (kunnen) maken. Het is daarom noodzakelijk om mensen met een verstandelijke beperking en hun verwanten te ondersteunen bij hun keuze voor een zorgaanbieder. Dit kan onder meer door de (door)ontwikkeling van keuzehulp applicaties, de inzet van ervaringsdeskundigen en aanvullende scholing voor cliëntbemiddelaars. In reactie op de onderzoeksresultaten ziet CZ zorgkantoor wat de ondersteuning betreft een rol voor zichzelf en de onafhankelijke cliëntondersteuners.

Over het onderzoek

Voor het onderzoek zijn interviews afgenomen bij mensen met een verstandelijke beperking en hun verwanten. Alle mensen met een verstandelijke beperking in dit onderzoek krijgen zorg vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz). Zij staan allemaal op een wachtlijst bij een zorgorganisatie of zijn in de 2 weken voorafgaand aan het interview bij een zorgorganisatie gaan wonen. Mensen met een verstandelijke beperking ontvangen vaak zorg en ondersteuning van zorgorganisaties. Het is belangrijk dat deze ondersteuning zo goed mogelijk aansluit bij hun eigen wensen en mogelijkheden. Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van CZ zorgkantoor en mogelijk gemaakt door het CZ Fonds.

Lees meer over het onderzoek, of vraag het onderzoeksrapport via e-mail aan bij Luciënne Heerkens, kennismanager Academische Werkplaats Leven met een verstandelijke beperking.